Jolig gedrag
Bij Scania is het gebruikelijk om zo nu en dan van het verloop van het productieproces videopnamen te maken. Aan de hand van die videobeelden wordt het productieproces verder verbeterd. Soms leidt het maken van die opnamen onder de verfilmde productiemedewerkers tot melige toestanden, echter niet altijd met gelukkige afloop.
In oktober 2003 vindt zo’n video-opname plaats. Er ontstaat een melige sfeer. Medewerkers trekken voor het oog van de camera gekke bekken. Een van de productiemedewerkers gaat een stap verder, trekt zijn broek naar beneden en laat zijn geslachtsdeel aan zijn collega's en de cameraman zien. De cameraman zoomt gretig in. Na afloop bekijkt de ploeg met veel jolijt de gemaakte opnamen.
Onaangename verrassing
Voor de directie van Scania pakt deze actie niet bepaald gelukkig uit. Enkele weken nadien krijgt zij namelijk werkbezoek aan wie zij ter illustratie van het verloop van het productieproces nietsvermoedend de videoband toont. Onder dat bezoek bevindt zich een vertegenwoordiger van de Zweedse toeleverancier. Het laat zich raden dat directie en bezoekers halverwege de videovertoning onaangenaam verrast raken. De directie van Scania ontslaat de verfilmde productiemedewerker dan ook op staande voet.
Om een rechtszekere situatie te verkrijgen, vraagt Scania bij de kantonrechter de arbeidsovereenkomst voorzover ondanks dat ontslag op staande voet misschien toch nog vereist wegens dringende redenen te ontbinden. De kantonrechter concludeert dat de betrokken medewerker het vertrouwen van zijn werkgever onwaardig is geworden, maar niet zonder kritische kanttekeningen te plaatsen over de weinig voortvarende handelwijze van de werkgever. Zo vraagt de kantonrechter zich af waarom de leidinggevende die bij de video-opnamen aanwezig was, niet onmiddellijk had ingegrepen. Daarnaast constateert de kantonrechter dat de videoband al eerder intern is bekeken en dat Scania toen dus niet bepaald voortvarend heeft gehandeld.
Actief beleid
Vanwege die kritische kanttekeningen kent de kantonrechter aan de productiemedewerker een relatief kleine vergoeding toe van 5000 euro. Hij betrekt daarbij dat de medewerker 16 jaar bij Scania in dienst is geweest en een smetteloze staat van dienst heeft. De vergoeding valt echter voor de werknemer laag uit omdat Scania een actief beleid voert tegen niet respectvol gedrag. De medewerker had dus kunnen bedenken dat Scania aan zijn gedrag zwaar zou tillen. Daarnaast neemt de kantonrechter het de medewerker kwalijk zich er niet van te hebben verzekerd dat de gelaakte beelden zouden worden gewist.
De medewerker voert nog aan dat hij slechts heeft gehandeld in een jolige sfeer en dat hij zich door zijn collega’s heeft laten opjutten. De kantonrechter is van dit verweer niet onder de indruk. De kantonrechter: “Allereerst rechtvaardigt dit in zijn algemeenheid al geen exhibitionistisch gedrag. Voorts geldt dat Scania juist ongewenst gedrag wil voorkomen en, voorzover aan de orde, wil uitbannen.”
Commentaar
Het is voorstelbaar dat de directie van Scania gemengde gevoelens zal hebben bij deze uitspraak. Enerzijds voert zij een actief beleid om uitwassen als het beschreven gedrag te voorkomen. Desondanks kent de kantonrechter aan deze medewerker, die zijn boekje te buiten ging, een vergoeding toe, alhoewel die, gelet op de lange smetteloze staat van dienst verhoudingsgewijs gering is.
Wat in deze uitspraak voor de kantonrechter zwaar meetelt, is dat de leidinggevenden van de betrokken medewerker niet voortvarend hebben gehandeld. Zij grepen niet onmiddellijk in toen de opnames plaatsvonden en evenmin erna, toen de opnames werden bekeken. Eigenlijk zegt de kantonrechter hiermee dat het het meest consequent zou zijn geweest als de betrokken medewerker hierop onmiddellijk zou zijn aangesproken en niet pas nadat de officiële vertoning tegenover bezoekers van de directie had plaatsgevonden.
Wat verder aan deze uitspraak opvalt, is dat de kantonrechter hoe dan ook hecht aan het feit dat Scania een actief intern beleid voert tegen ongewenst gedrag. Weliswaar kent de kantonrechter aan de betrokken medewerker een vergoeding toe, maar het is nog maar de vraag of die zo laag zou zijn uitgevallen als Scania een dergelijk beleid niet actief zou hebben geproclameerd. Dat onderstreept het belang om als werkgever vooraf heldere regels te stellen omtrent het gedrag dat zij als ongewenst beschouwt en die vervolgens ook strikt en actief te handhaven.