Rentederivaat

Een rentederivaat wordt gebruikt om het risico op een stijgende Euribor-rentetarief, zijnde een variabele rentetarief, af te dekken. Een rentederivaat kan echter ook voor speculatieve doeleinden worden afgesloten.

Een contract

Een rentederivaat is een financieel product in de zin van artikel 1:1 Wft, maar is ook een contract. Een ondernemer en een bank spreken contractueel af dat zij de rentestromen uit zullen wisselen. Daarvoor betaalt de ondernemer een debiteurenopslag, zijnde een vergoeding, aan de bank.

De soorten

Een rentederivaat is een verzamelnaam voor meerdere financiële producten. Een rentederivaat kan namelijk worden onderverdeeld in een: rentecollar, rentecap, rentefloor en/of interest rate swap (renteswap). Een uitleg geven van alle soorten renderivaten is voor dit artikel niet interessant. Om deze reden wordt in dit artikel met name beperkt tot de renteswap, aangezien de renteswap in de praktijk het meeste voor komt.

De werking

Door het afsluiten van een rentederivatencontract vindt er in feite vindt een uitwisseling plaats tussen rentestromen. De ondernemer betaalt in beginsel een gefixeerd rentebedrag inclusief een debiteurenopslag aan de bank, terwijl de bank het Euribor-rentetarief (en daarmee het risico op een stijgende rente) voor haar rekening neemt. Het voorstaande wordt in onderstaande figuur verduidelijkt.

Het gefixeerde rentebedrag onder het rentederivaat is gebaseerd op een notional amount (fictieve hoofdsom), terwijl het Euribor-rentetarief vastgesteld is op de hoofdsom van de financieringsovereen-komst. De hoogte van beide hoofdsommen en de duur van zowel de financiering als het rentederivaat is in beginsel gelijk aan elkaar. Beide hoofdsommen worden gedurende de looptijd van de overeenkomsten verminderd conform het contractuele aflossingsschema dat in het kader van de kredietovereenkomst is afgesproken.

Voor de goede orde wordt opgemerkt dat de kredietovereenkomst en het rentederivaat aanvankelijk twee separate overeenkomsten betreffen, maar die wel onlosmakelijk aan elkaar zijn verbonden.

De risico’s

Het afsluiten van een rentederivaat gaat niet gepaard zonder risico’s. Hieronder volgt een korte uiteenzetting van de meest voorkomende risico’s bij rentederivaten.

A. Negatieve waarde

Rentederivaten worden afgesloten met als doel het risico op een stijgende rente af te dekken. Een mogelijk risico is dat de rente niet stijgt, maar juist daalt. Indien de rente daalt, dan vertegenwoordigt het rentederivaat een negatieve waarde, waarbij de ontvangen variabele rentepost lager is dan de te betalen vaste rentepost. Een ondernemer dient bij een negatieve waardeontwikkeling het verschil tussen beide posten te vergoeden, zodat het weer in evenwicht komt. Dat kan extra kosten met zich meebrengen. Het voorgaande zal in onderstaande figuur nader worden toegelicht.

De blauwe lijn geeft de fixatie onder het rentederivaat weer, terwijl de rode lijn de fluctueerde rente onder de financieringsovereenkomst aangeeft.

B. Marginverplichting

Wanneer er sprake is van een negatieve waardeontwikkeling, kan de bank een ondernemer een marginverplichting opleggen. In dat geval dient een ondernemer liquide middelen bij te storten, dan wel anderszins zekerheid te stellen om het tekort te kunnen aanzuiveren. Hierdoor wordt het negatief verschil, welke ontstaan is door het negatief werkende rentederivaat, opgeheven. Het voorstaande zal in onderstaande worden verduidelijkt.

De nummers 4 t/m 7 geven de intervallen aan waarop de liquide middelen dienen te worden gestort, teneinde het negatieve verschil tussen de vaste- en variabele rentepost te doen opheffen.

C. (Tussentijdse) beëindiging

Aan een negatieve waardeontwikkeling zijn in beginsel geen directe gevolgen verbonden. Indien het rentederivatencontract wordt uitgezeten, dan zal de eindwaarde in beginsel nihil zijn. Indien echter het rentederivatencontract (tussentijds) vervroegd wordt beëindigd, dan kan de ondernemer wél worden geconfronteerd met aanzienlijke kosten. Zowel de ondernemer als de bank heeft onder bepaalde omstandigheden (bijvoorbeeld: het ontstaan van een vertrouwensbreuk) de bevoegdheid om de financieringsovereenkomst en/of het rentederivaat tussentijds en/of vervroegd te beëindigen. In dergelijke gevallen kan de ondernemer worden geconfronteerd met (hoge) boeterentes en/of kosten onder het rentederivaat. De (tussentijdse) beëindiging van het rentederivaat geeft de bank – conform de algemene voorwaarden – het recht op een direct opeisbaar bedrag bij wijze van vergoeding van geleden verlies en gederfde winst. Het voorstaande zal in onderstaande figuur nader worden verduidelijkt.

Het oranje gedeelte geeft de omvang van de boete aan die de ondernemer verschuldigd is indien de financieringsovereenkomst vervroegd wordt afgelost. Deze boete bestaat uit de resterende rentebetalingstermijnen vermenigvuldigt met de op dat moment geldende rentetarief (de negatieve waarde).

D. Overige bijzondere risico’s

Aan een rentederivaat kleven meerdere risico’s. Te denkenken valt aan het risico dat een bank onder bepaalde omstandigheden – conform de algemene voorwaarden – een herzieningsbevoegdheid met betrekking tot de te betalen debiteurenopslag. Per slot van rekening heeft een ondernemer – door een eventuele verhoging van de debiteurenopslag – alsnog variabele kosten.

Een ander risico is het toepasselijke verlengingsrecht (ook wel genoemd: “swaption’’). De swaption is een financieel product dat naast het renderivaat wordt afgesloten. Op basis van dit financieel product heeft de bank het recht om aan het einde van de looptijd van het rentederivatencontract, het contract te verlengen. In dat geval loopt de ondernemer het risico nog langer gebonden te zijn aan een negatief werkende rentederivaat.

Tot slot kan een ondernemer geconfronteerd worden met een mismatchrisico (ook wel genoemd: “overhedge’’). Mismatch ontstaat doordat de looptijd en/of de hoogte van het rentederivatencontract niet overeenstemt met de looptijd en/of de hoogte van de onderliggende kredietovereenkomst. Een voorbeeld van mismatch is het geval dat een ondernemer méér aflost dan volgens het contractuele aflossingsschema is afgesproken of omdat de bank  de debiteurenopslag wijzigt.

Vragen?

Heeft u een vraag over een rentederivaat en de risico’s of het Herstelkader of wenst u uw mogelijkheden in te winnen om eventueel een gerechtelijke procedure te starten, dan kunt te allen tijde vrijblijvend contact opnemen met mr. Pietro Bonaparte via 040-2841172 of via onze website.

Uw advocaten

Onze succesverhalen

Gerelateerde blogs