ABP wil fortuin terug

Het Nederlandse Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds (ABP) verloor een fortuin in de kredietcrisis. Het vraagt nu in een procedure schadevergoeding van de Deutsche Bank.

Volgens de wet kun je een streep zetten door een overeenkomst als je een Van Goghschilderij koopt en het een vervalsing blijkt. Of de verkoper wist dat het een vervalsing was, maakt niet uit. Dat heet wederzijdse dwaling.

Geldt deze logica ook voor ‘financiële producten’ die tussen banken werden verhandeld kort vóór de kredietcrisis? Was het toch niet wat men dacht te kopen?

Wat waren dat voor producten? Er werden geldleningen en aandelen in ‘mandjes’ gestopt die een labeltje kregen met het risicoprofiel, ingeschat door financieel specialisten. Die werden weer in nieuwe ‘mandjes’ verzameld. Dat kun je blijven

doen, je krijgt dan een soort Russisch houten moedertje met daarin kleinere houten moedertjes. Waren die risico’s veel groter of hebben de kleine risico’s zich verwezenlijkt, zoals je met ‘stom toeval’ met één lot de loterij kunt winnen?

Het gevolg is bekend. Toen er iets misging op de huizenmarkt in de VS werd het een drama. Zelfs de financieel specialisten van de banken wisten niet wat de risico’s waren, hadden geen idee hoeveel onroerend goed uit de VS er in hun producten zat. Ineens waren al die ‘mandjes’ besmet. Het vliegwiel van de kredietcrisis.

Natuurlijk was de financiële crisis veel gecompliceerder. Maar toch. Hebben ABP en Deutsche bank gedwaald? Waren de risico’s veel groter dan gedacht en wint het ABP de procedure? Dan volgen er nog heel veel procedures!